Briefing 21 september 2026 — Europa maakt zijn dreigingsbeeld openbaar
Polen, Frankrijk, Tsjechië en Zweden waarschuwden publiek voor Russische aanvallen die als ongeluk zijn verpakt, in dezelfde week waarin de AfD een tweede deelstaat won.
Achtergrond — de lopende trends
Rusland en de NAVO — de grijze zone: de vraag is of Moskou een NAVO-lid treft onder de drempel van een gewapende aanval, en of het bondgenootschap dat dan als aanval zou erkennen.
Duitsland — de brandmuur: sinds de AfD op 6 september Saksen-Anhalt won, gaat het niet meer om de vraag of het cordon politiek houdbaar is, maar of het rekenkundig nog bestaat.
Oekraïne — de raffinaderijen: de langeafstandscampagne tegen de Russische raffinage is van speldenprikken uitgegroeid tot een structurele beperking van de Russische brandstofproductie.
Europa — sabotage onder de drempel: westerse diensten schrijven sinds de zomer een reeks branden, storingen en waarnemingen van drones toe aan geronselde criminelen die voor Russische inlichtingenofficieren werken.
Europa — het dreigingsbeeld gaat naar buiten
Europese inlichtingendiensten waarschuwen al maanden voor Russische sabotage onder de drempel van een gewapende aanval: brandstichting bij toeleveranciers, verstoringen op het spoor, drones boven militaire vliegvelden. Die waarschuwingen stonden in jaarverslagen en werden achter gesloten deuren herhaald. Wat vorige week veranderde, is het adres.
De Poolse premier Donald Tusk zei op 18 september in de Sejm dat "zeer consistente en, helaas, overtuigende" inlichtingen erop wijzen dat Poetin van plan is NAVO-lidstaten aan de oostgrens met drones en raketten te treffen op een manier die als ongeluk kan worden weggezet. Hij noemde twee doelen: de logistiek verstoren waarmee Oekraïne wordt bevoorraad, en laten zien dat artikel 5 "alleen in theorie bestaat". Dezelfde dag riep de Franse president Emmanuel Macron de presidentskandidaten en partijleiders voor 2027 bijeen voor een gesprek van drie uur in het Élysée, met de chefs van de buitenlandse en de binnenlandse inlichtingendienst erbij. In het openbaar zei hij: "de dag dat we fysiek worden aangevallen, zullen we niet gewaarschuwd worden." De Tsjechische inlichtingenchef Michal Koudelka noemde in The Guardian een termijn: "maanden, niet jaren". Zijn Zweedse collega Thomas Nilsson zei op een bijeenkomst van inlichtingenchefs in Riga dat de Russische drone met explosieven die op de luchthaven van Leipzig werd gevonden een omslagpunt was, van brandstichting naar aanslagen waarbij doden kunnen vallen.
Vier regeringen kozen in één week voor openbare toeschrijving in plaats van stille tegenmaatregelen, en dat is een keuze met een prijs. Wie zegt dat hij het ziet aankomen, krijgt de vraag wat hij eraan doet. Koudelka legde ook uit waarom Moskou het risico neemt: als de oorlog voelbaar Europa binnenkruipt, zullen Europese kiezers hun regeringen onder druk zetten om Oekraïne los te laten. De winst zit dus in de reactie en niet in de schade. "Elke storing moet door inlichtingendiensten worden onderzocht als mogelijke terreuraanslag," zei hij, "en dat is voor hen al een goed resultaat." Er is intussen ook een concrete aanwijzing aan de grens: op 16 september legde Rusland het verkeer stil aan zijn kant van de overgang tegenover het Estse Narva. Dat kan voorbereiding zijn, en het kan een antwoord zijn op de Estse aankondiging de grens te sluiten zodra Poetin een gedwongen mobilisatie afkondigt.
Tegen het alarm staat één geruststellend gegeven. Rusland heeft geen bruikbare landverbinding met Polen: zijn enige Poolse grens loopt langs de exclave Kaliningrad, die zelf is ingesloten. De enige begaanbare route voor grondtroepen loopt via Belarus, en een troepenopbouw daar zou weken van voorbereiding kosten die vanuit de ruimte zichtbaar zijn. Een verrassingsaanval te land is dus onwaarschijnlijk, en dat is precies waarom de dreiging de vorm aanneemt van drones, raketten en storingen die niemand hoeft toe te geven.
Wat dit betekent in de praktijk: Een aanval die als ongeluk wordt gebracht, dwingt geen enkele regering tot een antwoord, en dat is de hele opzet. Het besluit ligt dan bij de Noord-Atlantische Raad, waar tweeëndertig regeringen het eens moeten worden over de voorvraag of er überhaupt iets is aangevallen. Nederland levert luchtverdediging en heeft militairen in Litouwen, aan de flank van het bondgenootschap waar zo'n storing zich het eerst zou voordoen. Het praktische gevolg van deze week is dat regeringen en diensten die verantwoordelijkheid niet langer alleen willen dragen: door hun beeld openbaar te maken, leggen ze de vraag bij de politiek neer vóór het incident in plaats van erna.
Duitsland — de CDU valt onder de kiesdrempel, het Kremlin biedt de AfD gas
De AfD won op 6 september Saksen-Anhalt, de eerste deelstaat die de partij ooit veroverde. Tot dat moment ging het debat over de vraag of de andere partijen het cordon rond de AfD politiek konden volhouden. Sinds dit weekend is dat in één deelstaat geen vraag meer, maar een rekensom.
In Mecklenburg-Voor-Pommeren, de thuisstaat van Angela Merkel, verdubbelde de AfD haar aandeel en werd ze de grootste partij. De CDU bleef onder de kiesdrempel van vijf procent en krijgt geen enkele zetel in het deelstaatparlement; volgens de Financial Times kwam de partij uit op 4,9 procent, haar slechtste deelstaatresultaat sinds de Tweede Wereldoorlog. In Berlijn werd de linkse Die Linke met een geraamde 25,7 procent de grootste en zakte de CDU naar de tweede plaats met minder dan 19 procent. Bondskanselier Friedrich Merz noemde de uitslag in het noorden "een ramp", weet haar aan zijn eigen economische hervormingen en liet binnen enkele minuten na het sluiten van de stembussen weten dat hij aanblijft.
Daar kwam dit weekend een Russisch aanbod overheen. Presidentieel gezant Kirill Dmitriev schreef vlak voor de stemming dat de deelstaat "weer zal floreren wanneer betaalbaar, betrouwbaar Nord Stream-gas terugkeert door samenwerking met de AfD". Reuters meldde op 18 september dat Dmitriev en AfD-leiders een ontmoeting voorbereiden over hervatting van de gaslevering door de pijpleiding, op voorwaarde dat Rusland eerst een vredeskader met Oekraïne aanvaardt, mogelijk al in maart. De volgorde is het interessantst: het gas wordt aangeboden als beloning voor een regeling, aan een partij die juist in de deelstaten waar de pijpleiding aan land komt de grootste is. Daarmee is de opkomst van de AfD niet langer alleen een Duitse uitkomst. Structureel gezien wijst dit erop dat zij ook een Russisch aanknopingspunt wordt in de onderhandeling over het einde van de oorlog.
Wat dit betekent in de praktijk: Duitsland is de grootste Europese militaire donor van Oekraïne en de zwaarste stem in de onderhandelingen over de Europese meerjarenbegroting. Een kanselier die zestien maanden na zijn aantreden zijn partij uit een deelstaatparlement ziet verdwijnen, heeft in beide dossiers minder te vertellen, en dat in de aanloop naar de Franse presidentsverkiezingen. De tweede helft weegt op termijn zwaarder: de terugkeer van Russisch gas staat nu expliciet in een Russisch vredesaanbod. Dat maakt het geen hypothetische vraag meer voor de Europese energiepolitiek, maar een onderhandelingspunt waarover al een eerste gesprek wordt voorbereid.
Energie — het tekort verschuift van ruwe olie naar diesel
Oekraïne bestookt Russische raffinaderijen sinds het voorjaar. In Washington werd dat tot nu toe behandeld als een complicatie: aanvallen die de olieprijs opdrijven en de onderhandelingen bemoeilijken. Op 14 september stelde Trump een wederzijds moratorium op energie-aanvallen voor, dat Poetin afwees.
Op 21 september schreef Trump dat Rusland "de controle over zijn dieselindustrie heeft verloren door zijn oorlog in Oekraïne". Dat is een andere taxatie dan de Amerikaanse president tot dan toe gaf: de campagne wordt nu beschreven als strategisch resultaat in plaats van als complicatie. Dezelfde dag antwoordde president Zelensky dat Oekraïne bereid is tot een wederzijds staakt-het-vuren voor aanvallen op energie- en voedselinfrastructuur; de twee hadden een dag eerder getelefoneerd en spreken elkaar deze week in New York. De aanleiding ligt in de nacht van 19 op 20 september, toen Oekraïne de grootste gecombineerde aanval met raketten en drones van de hele oorlog uitvoerde tegen doelen in en rond Moskou. Geraakt werd onder meer de Gazpromneft-raffinaderij in Kapotnja, met een verwerkingscapaciteit van ongeveer twaalf miljoen ton per jaar. Volgens FirePoint, de Oekraïense fabrikant van de gebruikte drones, steeg daarmee het stilgelegde deel van de Russische raffinagecapaciteit van tien naar veertien procent. Bloomberg meldde op 21 september dat Moskou zijn exportverbod op diesel verlengt tot na eind september.
Het aanbod van Kyiv is minder ruimhartig dan het klinkt. Zelensky doet het sinds 14 september herhaaldelijk en Moskou wijst het telkens af, terwijl het instrument dat hij aanbiedt juist deze week Amerikaanse goedkeuring kreeg. Belangrijker is dat het tekort niet Russisch blijft. Ruwe olie is er genoeg; wat schaars wordt is geraffineerd product, en vooral diesel. Twee bronnen van aanbod lopen tegelijk terug: de Russische raffinage door de droneaanvallen, en de export van geraffineerd product uit de Golf door de beperkingen in de Straat van Hormuz en de Rode Zee. De Verenigde Staten kunnen zelf genoeg diesel maken; de implicatie is dat het knelpunt daar niet bij de productie ligt maar bij de distributie, omdat het binnenlandse leidingennet slecht verbonden is. Daar komt een administratieve rem bovenop: de overdracht van de buitenlandse olieactiviteiten van Lukoil, twintig miljard dollar groot, ligt al bijna tien maanden stil in de Amerikaanse goedkeuringsprocedure, waardoor raffinagecapaciteit ongebruikt blijft terwijl de brandstofprijzen stijgen.
Wat dit betekent in de praktijk: Diesel is de brandstof van vrachtwagens, landbouwmachines, bouwmaterieel en een deel van de scheepvaart. Als de dieselprijs oploopt terwijl benzine stabiel blijft, merkt de consument dat niet aan de pomp maar in de prijs van alles wat vervoerd moet worden. Voor Nederland, met een transport- en havensector die bovengemiddeld zwaar weegt, komt die rekening dus via de vracht binnen en niet via de energierekening. En er zit een politieke kant aan: hoe beter de Oekraïense campagne werkt, hoe duurder Europese diesel wordt. Dat is precies het soort kosten dat de Russische psychologische campagne hierboven wil veroorzaken.
Verder in het kort
Jemen: Trump gaf het Amerikaanse leger op 17 september opdracht luchtaanvallen op Houthi-doelen voor te bereiden, nadat de Saoedische kroonprins om Amerikaanse deelname aan zijn luchtcampagne had gevraagd, en besloot op 20 september die voorlopig niet uit te voeren. Dezelfde dag vroeg de Jemenitische president Rashad al-Alimi telefonisch om militaire steun en kreeg die niet toegezegd. Washington levert wel inlichtingen en doelinformatie aan Riyad. Twee Houthi-bronnen zeiden tegen AFP dat Iraanse Revolutionaire Gardisten op 19 september de aanleg van tunnels rond de havenstad Mokha begeleidden en dat er is gesproken over radarinstallaties bij Mokha en op het eiland Zuqar. De Houthi's gaan daarmee van verovering over op versterking aan de Bab al-Mandab.
Rusland: Verenigd Rusland won bij de Doemaverkiezingen van 18 tot 20 september 355 van de 450 zetels, bijna 78 procent, bij een opkomst van 57 procent. Negenenveertig oorlogsveteranen kwamen binnen op de lijst van de partij. De voorzitter van de Federatieraad en de staatsmedia presenteerden de uitslag als een referendum over de oorlog. Drie dagen eerder meldde Bloomberg dat functionarissen van de rekruteringsbureaus hun geld naar het buitenland brengen. De implicatie is dat het mandaat wordt klaargelegd voordat de mobilisatie die het Kremlin ontkent, wordt afgekondigd.
Verenigde Staten en China: Handelsfunctionarissen van beide landen spraken elkaar in het weekend van 19 en 20 september in New York, enkele dagen voor het staatsbezoek van Xi Jinping aan Washington, en kwamen een dialoog over kunstmatige intelligentie en een gezamenlijke handelsraad overeen. Twee vaste organen voordat de leiders elkaar spreken: dat is de vorm van een toenadering die wordt vastgelegd in plaats van uitonderhandeld. Wat geen van beide organen raakt, is het bestand over zeldzame aardmetalen dat op 11 november afloopt.
Canada en de EU: Macron zei op 21 september naast de Canadese premier Mark Carney op Saint-Pierre-et-Miquelon dat hij Canada steunt als eerste geassocieerd lid van de Europese Unie, bij het eerste bezoek van een Canadese regeringsleider aan het Franse territorium voor de kust van Newfoundland. Twee dagen eerder lieten vijf EU-diplomaten aan de Financial Times weten dat geassocieerd lidmaatschap geen verdragsbasis heeft en verdragswijziging zou vergen. Het aanbod heeft nu dus een sponsor onder de grote lidstaten en nog altijd geen juridisch instrument.
Europese Unie: Zeventien EU-regeringen hadden zich op 21 september aangesloten bij een Oostenrijks-Italiaans initiatief tegen het opleggen van extra nationale eisen bovenop Europese regels, dat die dag in Brussel van start ging. De ECB schat dat zulke interne barrières in de eengemaakte markt neerkomen op een heffing van 45 tot 60 procent op goederen. Dezelfde dag concludeerde de onafhankelijke begrotingswaakhond van de Unie dat de begrotingsregels steeds vaker met discretie en clementie worden toegepast: Spanje ontliep een tekortprocedure via een defensieclausule terwijl defensie maar een fractie van de overschrijding verklaarde, en Hongarije en Slovenië werden eveneens ontzien.
Turkije: Azerbeidzjan kondigde op 21 september gezamenlijke oefeningen met Turkse en Oezbeekse troepen aan in Nagorno-Karabach, in de exclave Nachitsjevan en aan zijn Kaspische kust, terwijl Turkije zelf marineoefeningen begon in de Zwarte Zee, de Egeïsche Zee en de oostelijke Middellandse Zee. Ankara oefent daarmee in dezelfde week op drie zeeën en op het grondgebied van een bondgenoot in de zuidelijke Kaukasus.